Het weekend is niet goed begonnen, maar het is gelukkig goed afgelopen. Omdat hij gisteren weer zoveel koorts had en zoveel geweend had bij mijn mama, ben ik er 's avonds mee naar de dokter geweest. Niet onze eigen dokter (doe ik dus nooit meer) en blijkbaar kent die het verschil niet tussen nieren en keel. Ze stuurde me direct naar de spoed van het Paolaziekenhuis omdat ze dacht dat er iets mis was met zijn nieren. Je kan je al voorstellen in welke staat we daar naartoe zijn gereden. Maar de dokter dacht eerder aan zijn amandelen omdat die zo rood zagen dan aan zijn nieren. Groot verschil, niet? Om het zekere voor het onzekere te nemen, wou hij zijn urine onderzoek. Hoe ga je dat doen, dacht ik. De schrik sloeg me al om het hart. Met een zakje om zijn piemeltje moesten we wachten tot hij pipi had gedaan. Hoe kan dat nu, dacht ik. Hij had van de hele dag nog niks gedronken of gegeten. Na een half uur stelde de dokter voor om bloed te nemen. Ik ben op de gang blijven staan; ik kon niet aanzien hoe ze hem met 2 man vasthielden om dat bloed te kunnen nemen. We werden naar een andere gang gebracht om de deur gesloten werd. De nachtploeg begon. Daar zaten we dan; alleen in een gang met een levenloze Louis op Toms schoot, doodongerust en flauw van de honger. Om half 9 kwam de dokter zeggen dat zijn bloed in orde was en dat we naar huis mochten gaan. Tegen vandaag moest zijn koorts minder zijn en moest hij pipi gedaan hebben, anders moesten we terugkomen.
Hij heeft goed geslapen, vanmorgen geen koorts, een halve fles gedronken en na een half uur kwam er eindelijk pipi. OEF! Hij ziet er al veel beter uit; hij is alleen nog wat flauw. Met een beetje chance kunnen we straks toch naar peter Wim gaan en morgen naar de Sint. Ik ga mijn ventje nog wat verwennen, nee, niet Tom, LOUIS!
1 opmerking:
OESJE, POESJE!!!
Al goed dat alles goed gekomen is!
Een reactie posten